Opinie: Hoe racisme en nationale onderdrukking tegen te gaan? (Deel 2)

Dit artikel is geschreven door een kameraad. Dit is deel 2. De opinies zijn niet per se die van Revolutionaire Eenheid.

Deel II

De linker en rechter vleugels in de anti-racisme beweging in NL:

De twee rechter vleugels in de anti-racisme beweging; liberalisme en extreem nationalisme.

De linker zijde en de juiste reactie van het marxisme; internationalisme.

De meeste nationaal onderdrukte bewegingen ondergaan de stadium van cultuur nationalisme als een specifiek en natuurlijke stage voordat ze de revolutionair proletarische stage bereiken. In de imperialistische centra’s kunnen de leuzen hiervan worden samengevat in de woorden “proud to be black”.

De rechter zijde in de anti-racisme beweging is het liberalisme. Dit is de kern van de anti-racistische strijd tegenwoordig en plaatst de huidskleur van het individu[1] en haar witte privileges centraal. Het zal daarentegen moeten erkennen dat nationale onderdrukking haar bron vindt in het imperialisme, en niet in de huidskleur van individuen. Daarmee zal deze liberale kritiek naar een proletarisch niveau moeten worden getild in zoverre mogelijk. Deze rechter zijde wordt voornamelijk vertegenwoordigd door academici, studenten, filmmakers en journalisten, oftewel de kleinburgerij (middenklasse).

Doordat iedereen strak wordt gereduceerd tot een bepaalde identiteit, en daarbij de witte identiteit zo centraal wordt gesteld doen de liberale opponenten van anti-racisme hetzelfde als hun tegenstanders in spiegelbeeld. Deze nadruk en gradaties op huidskleur reduceert mensen op de meeste rigide wijze tot een bepaalde identiteit, en kan zelfs vijandig zijn voor samenwerking tussen de verschillende identiteiten zodat deze eeuwig ruzie met elkaar kunnen maken. Deze anti-racistische spiegelbeeld is in essentie verborgen burgerlijk nationalisme. Deze omgekeerde vorm van racime is zeker gerechtvaardigd, maar geld als handicap voor een revolutionaire socialist. De leuze “cultural appropriation” verbergt dezelfde nationalistische sentimenten van afsplitsing doordat het in principe alle nationale kenmerken van de volkeren gescheiden probeert te houden. Deze reductie tot huidskleur en afscheiding kan alleen worden vernietigd door de complete samenwerking en samensmelting van de arbeidersklasse in haar strijd tegen het kapitaal en nationale onderdrukking.

De extreem rechter zijde in de strijd tegen racisme is extreem nationalisme. Deze beschouwt iedereen van de onderdrukkende nationaliteiten als haar vijanden, oftewel als “witte onderdrukkers” en maakt daardoor geen onderscheid tussen klassen. Hiermee haalt het potentiële vrienden uit het oog en maakt daardoor geen verschil tussen vriend en vijand. Daar waar de liberale kant nog openstaat voor samenwerking, staat deze extreme vorm daar antagonistisch tegenover en is een proactieve voorstander van afscheiding en vertoont haar nationalisme openlijk. Deze bekrompenheid en afscheiding is kenmerkend van een bepaalde sociale klassen, dat van de kleinburgerij.

De leuze “back to our roots” en in bepaalde mate ook “cultural appropriation”  is kenmerkend voor deze extreme zijde. Het ontkent de ontwikkelingen van het monopolie kapitaal, de gigantische concentratie van het proletariaat en haar samensmelting, de afbraak van nationale scheidsmuren, de assimilatie en betrekkingen van volkeren enz. en wil de rad van de geschiedenis terugdraaien. Deze culturele “roots” ontwikkelde zich in een geschiedenis van slavernij, kolonialisme, geweld en allerlei andere uitstrekkingen van het kapitalisme, en staan gelijk tot een cultuur ontwikkelt door mensen gevangengenomen en onderworpen in een kooi.[2] Daarentegen zouden we de progressieve elementen die het imperialisme met zich ontwikkelt, oftewel haar internationale en socialistische elementen hoog moeten houden, en een cultuur ontwikkelen voortkomend uit strijd, voor bevrijding en waardig voor menselijke wezens.

Beide rechtse elementen zijn erg dominant in de strijd tegen racisme en vinden haar bron in de kleinburgerij. Zo ziet het hedendaagse nationale leven er in werkelijkheid uit, als men het vanuit marxistisch standpunt, d.w.z. vanuit het standpunt van de klassenstrijd beschouwt; als men de leuzen op grond van de belangen en de politiek van de klassen beoordeelt, en niet naar holle frasen.

Beide tendensen zullen moeten erkennen dat het proletariaat met haar veelzijdigheid van afkomsten toch een gedeelde belang heeft in haar strijd tegen het financierskapitaal (grootkapitaal) en dat een samenbundeling van krachten noodzakelijk is om een einde te brengen aan nationale onderdrukking en elke privilege. Als het proletariaat het verschil in cultuur, identiteit, geloof en nationaliteit erkent, zichzelf verzet tegen elke privilege, en tegelijkertijd verenigd rondom hun gedeelde belang zullen deze verschillen minder prangend zijn en worden overstegen.

Net zoals dat Proudhon een kapitalisme wilden hebben vrijgesteld van schommelingen, crisis, misbruiken enz. willen deze anti-racisten (bewust of onbewust) een imperialisme hebben zonder nationale onderdrukking. Het imperialisme produceert daarentegen deze nationale onderdrukking, net zoals een boom die haar eigen bladeren ontwikkelt. En om de groei van deze giftige bladeren te voorkomen zullen we deze boom vanuit haar wortels moeten onttrekken, en dat is niet de taak van een individu, of van een groep individuen die het één voor één proberen, maar alle individuen samengebracht en samengebundeld als één collectieve wil en kracht.

We steunen de strijd tegen nationale onderdrukking, we proberen samen te werken met deze stromingen in zoverre mogelijk, maar daar waar de anti-racisme beweging zichzelf beperkt tot nationaal-liberale standpunt, voeren wij deze strijd door vanuit proletarisch standpunt. Het essentiële verschil is dat wij de strijd tegen alle privileges tot haar einde willen doorvoeren, terwijl zij deze beperken; de een is in het belang van de kleinburgerij, de ander is proletarisch, de een is twijfelachtig, en de ander is consequent.

Daarnaast zullen we als marxisten moeten uitkijken om niet in de val te komen van een pedante en neerbuigende kritiek, zodat we vóór alles de strijd tegen nationale onderdrukking verdedigen en steunen. De taak van een marxist is niet enkel het overtuigen van nationale onderdrukten voor de proletarische oorzaak, maar om omgekeerd het proletariaat bewust te maken van de onderdrukking van nationale minderheden, hun recht op zelfbeschikking, een absolute verdraagzaamheid wat betreft hun taal en cultuur, en het gemeenschappelijk belang hoog te houden. Daarnaast proberen we nationale minderheden te overtuigen dat ze zichzelf niet moeten afscheiden van de rest van het proletariaat, maar verenigen, aangezien we een gezamenlijke vijand hebben: het financierskapitaal, de rest van de burgerij en haar knechten! Elk propageren van scheiding tussen arbeiders van verschillende naties, elk tegenover elkaar stellen van de ene nationale cultuur tegenover de andere, elke fragmentatie en afscheiding is burgerlijk nationalisme, waartegen een onverzoenlijke strijd moet worden gevoerd. Dit is de positie van de linker zijde in de anti-racisme beweging, de marxistische zijde.

[1]     De liberale slogan ‘Het persoonlijke is politiek’ vertoont in het algemeen dezelfde gelijkenissen. Het Marxisme beschouwt politiek als de meeste geconcentreerde uitdrukking van de economische belangen van een bepaalde klassen. Deze ontspruiten dus niet uit het hoofd van een individu, maar vanuit een sociale klassen.

[2]     Een van de meest adequate antwoorden hierop gaf Malcolm X door “X” aan zijn achternaam toe te voegen. De “X” staat hierbij voor datgene wat hun is ontnomen, waardoor ze een opening creëren voor een werkelijk radicaal en progressieve geluid.

Leave a Comment